De Roos, Nederstraat 19, is een huis met een voorhuis en een achterhuis. Het achterhuis van het rijksmonument is gebouwd rond het jaar 1600. Het voorhuis is uit het begin van de 18e eeuw en is gebouwd uit op de fundamenten van een ouder huis, net als het achterhuis. De Roos lag pal voor ridderhofstad Lievendaal en heeft waarschijnlijk vroeger tot het landgoed behoord, dat zich tot de Nederstraat uitstrekte. Wellicht was het voorhuis de voorburcht, die in het Rampjaar zodanig beschadigd was, dat het in de 18e eeuw herbouwd moest worden.
De eerste verwijzingen naar Den Roos zijn uit 1550. In 1630 is voor het eerst sprake van brouwerij De Roos met in het voorhuis een moutstokerij. De moutstokerij had een eest op het dak. De Roos met de eest zijn goed te zien op zowel de tekening van Roelant Roghman uit 1646/47 over Lievendaal, als op het schilderij van Jan van Goyen uit 1651 over Amerongen.
In de 17e eeuw was Jan Rijcksz van ’t Sant de brouwer. Na zijn dood kocht de heer van Lievendaal de brouwerij in 1668 en verhuurde het aan een aantal uitbaters. In de koopakte van 1668 werd al gesproken over ‘vanouts De Roos’, wat een lange geschiedenis suggereert. Na het rampjaar in 1673 werd de brouwketel meegenomen door de Fransen en werd het pand zwaar gehavend.
De heer van Lievendaal verhuurde de brouwerij vervolgens aan Frederic van den Honert, luitenant (plaatsvervangend) drost van Amerongen en drost van Zuylestein en Leersum. Van den Honert kocht het pand een paar jaar later, zette de brouwerij nog 30-50 jaren door en ging zelf in het voorhuis wonen. Zijn familie woonde ongeveer honderd jaar in de De Roos en verbouwde het voorhuis tot een representatieve woning waar gasten werden ontvangen door de (luitenant) drost en zijn erfgenamen.
De rechter ontvangstkamer had zelfs goudleerbehang, dat kort voor de Tweede wereldoorlog verkocht werd.
Nadat het ophield brouwerij te zijn heeft de Roos verschillende andere functies gehad naast woonhuis. Er was eind 19e eeuw een apotheek in een deel van het voorhuis. Vanaf het begin van de 20e eeuw woonde er een aannemer met een bedrijf aan huis. Hij heeft het huis volledig gerestaureerd en voor die tijd gemoderniseerd, zonder de indeling te veranderen. In deze tijd is het goudleerbehang weggehaald. De eigenaar exploiteerde ook een pension in het huis.
Sinds 1968 is het een woonhuis. In 2004 – 2005 heeft er een grote restauratie plaatsgevonden. Er zijn toen veel karakteristieke elementen gerestaureerd en ook toen is de oorspronkelijke indeling bewaard gebleven. De verbrande balken uit het Rampjaar zijn deels nog zichtbaar verkoold.

De Roos aan de zijkant vanuit het oosten met op het dak van het voorhuis de eest van de moutstokerij, op de voorgrond is een stukje van de ridderhofstad Lievendaal te zien, onderdeel van een tekening van Roelant Roghman, 1646/47, Kastelen in Nederland, foto 2097